Tekstschrijverij

Algedurig, met al die websites en FaceBook promoties, kom ik een beetje in de flow van het schrijven. En eigenlijk is dat hartstikkeleuk. Mijn dierbare vriend en buurman in Mirtos Dick Ridder is bezig een tweede editie van zijn glossy magazine “De Mertiza” uit te geven en vroeg mij een interview te verzorgen met onze plaatselijke bijenhouders. Nu wil het geval, dat Ilías getrouwd is met de dochter van mijn vrouw, en zodoende ben ik dan weer verwant met de hele Stamboulís clan. Ten doop houden van een kind en getuigen op een huwelijk leidt ook tot opneming in de maagschap, zodat ik eigenlijk al een grotere familie in Mirtos heb dan ik in Nederland ooit had. Maar dit terzijde. Hieronder ziet U het document dat ik Dick heb gestuurd. Zoveel mogelijk heb ik de stijlen van het artikel in De Mertiza2 overgenomen. U kunt het magazine gratis bestellen door een e-mailtje te sturen naar info@mertiza.com. U krijgt het dan per omgaande per post bezorgd, zelfs als U in Griekenland woont!

HOOFD- EN BIJZAKEN

door Jurrie Eilers

Het is 2 december in Mirtos. Op een steenworp afstand van Villa Mertiza zit ik in onze tuin en geniet van mijn ochtendkoffie. De zon schijnt volop en het is warm. De sinaasappels beginnen al prachtig oranje te worden, de mousmoúla (Japanse mispelboom) staat in volle bloei. Rondom die laatste is een zwaar gezoem te horen: een zwerm bijen doet zich te goed aan de uitbundige bloesem. Mousmoúlahoning, denk ik. Nooit van gehoord eigenlijk. Bijen in december eerlijk gezegd ook niet. Tijd om mijn licht eens op te steken bij de imkers van Mirtos, want er zijn wel meer dingen die ik niet weet.

Bijpraten

Tussen Villa Nóstos en de (nu nog) droge rivierbedding drijven vader en zoon Stamboulís hun nering. Vader Giánnis is de broer van Déspina Panagiotopoúlou, de eigenaresse van het appartementencomplex. Zelf beheert hij de drie kleine huisjes erachter. De eerste twee zijn in de verhuur. In het derde heeft hij zelf zijn intrek genomen. Op het stukje land er omheen houdt hij konijnen en kippen en verbouwt hij zijn groente. Een klein verborgen paradijs. Net ervoor is het bedrijfspand van Mirtos Honing, waar de honing wordt geslingerd en verpakt. Ik tref het pand gesloten aan, dus ik loop verder naar het huisje van Giánnis. De honden begroeten mij al van verre, het is een kabaal vanjewelste. Een omhelzing, koffie, water, koekjes, het moet allemaal gebeuren voordat ik mijn vragen kan afvuren.

Diáspora

Diáspora, verstrooiing, Grieken die in het buitenland leven. Beide mannen waren langdurig buiten Griekenland woonachtig. Giánnis leefde en werkte in Nederland van 1994 tot 2011, Ilías vertrok met zijn moeder naar Engeland in 1994 en kwam in 2013 weer terug. Giannis: “Toen ik terugkwam naar Mirtos, wilde ik een manier van leven vinden om mijzelf te bedruipen, zonder te werken voor iemand anders. Ik begon konijnen en kippen te houden, groenten te telen op een biologische manier en als vanzelf kwam daar ook de bijenhouderij uit voort.” Ilías: “Ik woonde in Londen, was 22 jaar en had geen idee wat ik met mijn leven moest doen. Mijn vader vertelde mij dat hij met de bijenhouderij begonnen was, en ik besloot een ticket te kopen om een nieuw leven in Mirtos te beginnen.”

Bijverdienste

In Griekenland is de bijenhouderij geen hobby: er moet doorlopend hard gewerkt worden en ook de investeringen zijn niet gering. Door eenvoudig te leven, in harmonie met de natuur en voornamelijk van de opbrengst van het land en de levende have, lukt het de mannen om langzamerhand hun bedrijf uit te breiden. Zodanig, dat het hun voornaamste bron van inkomsten is geworden.

Wat komt daar nou bij kijken

De bijen die voor Giánnis en Ilías werken, zijn van een oude Noord-Griekse soort. De flora van Griekenland, en speciaal die van Kreta, is enorm divers. Deze bijen, in tegenstelling tot geïmporteerde soorten, kennen de planten en weten er mee om te gaan. Ook zijn ze aangepast aan het klimaat, dat immers warmer en vooral droger is dan in Noord-Europa. De honing die eruit voortkomt is zwaar, compact en verbazend rijk aan smaak. Volgens Giánnis bevat één kilo honing van Kreta meer waardevolle ingrediënten dan 10 kilo honing uit Nederland. “Honing was al duizenden jaren een belangrijk onderdeel van het Kretenzische dieet, en de kennis zit hem vooral in de bij. Wij hoeven als bijenhouder eigenlijk alleen maar goed op te letten en de bij te volgen. De kwaliteit komt dan vanzelf.”

De kop erbij

Hetzelfde geldt ook voor het verplaatsen van de bijenvolken. Elk jaar verlopen de seizoenen anders, en de klimaatsverandering speelt hierin zeker een rol, volgens de mannen. De bijen bepalen zelf, wanneer het tijd wordt om verplaatst te worden. De alerte imker zal de signalen bijtijds waarnemen, en de kasten op het goede moment naar een andere plaats brengen. De sinaasappelbloesem, de tijm, de wilde kruiden en de honingdauw komen elk jaar op een ander tijdstip op hun hoogtepunt. Dit najaar zijn bijvoorbeeld de mousmoula’s als een gek aan het bloeien, zegt Giánnis. Leuk dat hij hierover begint, want dit is precies wat ik vanmorgen zag. “De bijen gedragen zich alsof het lente is en maken eieren en honing. Straks begint ook de Oxalis, de zuurklaver, te bloeien, ze zullen de hele maand december doorgaan”.

Bijkomen

Hoe lang duurt het seizoen, wil ik weten. Welnu, in de winter wordt de honing niet “gestolen”, zoals de imkers het noemen, maar aan de bijen zelf gelaten. Ze hebben het nodig om zichzelf en hun kroost te voeden, en om op krachten te komen voor het nieuwe seizoen. Begin april barst de hele natuur los op Kreta, en wordt er volop honing geproduceerd. Dit gaat door tot in november. Eigenlijk synchroon met het toeristenseizoen. Wat die toeristen betreft, hebben vader en zoon ook nieuwe plannen.

Bijleren

Ilías is in de leer als hulpwandelgids bij zijn schoonmoeder Angela Sturmayr. In het nieuwe seizoen zal hij haar bijstaan met de veelgevraagde dagwandelingen. Interessante excursies met de natuur als thema kunnen dan worden gecombineerd met een bezoek aan de bijenhouderij. Incidentele honingproeverijen met groepjes toeristen waren dit jaar al een groot succes. Giánnis, die ook nog eens vloeiend Nederlands spreekt, kan smakelijk vertellen over de honingproductie, en steevast komt de rakifles op tafel. Een Kretenzische sterke drank, die perfect combineert met honing.

Bijproducten

De Rakómelo is een met honing gezoete raki, die van oudsher wordt gebruikt als probaat middel tegen verkoudheden en keelpijn. Ilías toont mij een flesje, voorzien van een vrolijk etiket. “The silly bee’s Rakómelo” staat erop, en het getekende bijtje heeft er blijkbaar al van gesnoept. Naast de verschillende soorten honing is dit een veelgevraagd artikel, en ik vraag of er nog andere bijproducten zijn. Dit brengt ons op de pollen en de propolis. Beide zijn nodig om de bijen te beschermen tegen ziektes en parasieten. Op kleine schaal worden ze gewonnen vanwege de bijzondere eigenschappen. Pollen zitten boordevol proteïne, vitaminen en mineralen, en kunnen worden gebruikt als natuurlijk voedingssupplement. Propolis heeft een wonderlijke geneeskrachtige werking bij huidaandoeningen. Ook de bijenwas heeft grote mogelijkheden: gemengd met olijfolie en essenties van kruiden, kan er een beautycream van worden gemaakt, die al het goede van de natuur in zich heeft.

Bijgebouw

Langzaamaan wordt het tijd om afscheid te nemen. Wij maken nog een rondgang over het erf, waar de bijenkasten in slagorde staan opgesteld, en gaan het bijgebouw binnen. Hier wordt mij de centrifuge getoond waarmee de honing wordt geslingerd, en wacht mij een verrassing. Op de bodem van de machine bevindt zich nog een laagje rauwe en ongefilterde honing van de mousmoula. En natuurlijk kom ik het pand niet uit zonder deze te hebben geproefd, samen met het onvermijdelijke glas raki!